Nieuwe mannelijke variant van bollenmijt ontdekt: de ‘mega-scrambler’

18 mei 2018

De bollenmijt (Rhizoglyphus robini) is een bekende plaag in de bollenteelt. De mannetjesbollenmijt gebruikt een van de twee bekende voortplantingsstrategieën, die van ‘fighter’ of ‘scrambler’. Biologen van de Universiteit van Amsterdam (UvA) laten nu zien dat er een derde variant bestaat: de ‘mega-scrambler’, waarbij het mannetje morfologisch op een vrouwtje lijkt. De onderzoekers publiceerden hun beschrijving van het trimorfisme (drie mannelijke morfologieën) bij de bollenmijt op donderdag 17 mei in het wetenschappelijke tijdschrift Ecology.

Kathryn Stewart en haar collega’s van het Instituut voor Biodiversiteit en Ecosysteem Dynamica (IBED) van de UvA bestuderen interacties tussen ecologische en evolutionaire dynamiek. Ze zijn onder meer geïnteresseerd in hoe individuen hun voortplantingskansen vergroten via alternatieve voortplantingsstrategieën. Deze komen tot uiting via individuele verschillen in morfologie, gedrag of fysiologie.

Groot lichaam en bolle buik

Mannetjesbollenmijten zijn ‘fighters’ of ‘scramblers’. Fighters hebben een verdikt, spits toelopend derde paar poten, dat gebruikt kan worden tegen soortgenoten; scramblers hebben zulke ‘wapens’ niet. ‘Tot onze verrassing kwamen we tijdens onze experimenten in het lab herhaaldelijk mannetjes tegen die morfologisch op vrouwtjes lijken, met net zo’n groot lichaam, een bolvormige buik en een relatief dun derde paar poten’, vertelt Stewart. ‘We hebben deze variant de mega-scrambler gedoopt.’

Jan van Arkel
Jan van Arkel

Onopgemerkt fenomeen

De bollenmijt wordt in onderzoek over de hele wereld gebruikt als modelorganisme. Stewart: ‘Dit maakt het des te opmerkelijker dat het fenomeen van trimorfisme nooit eerder is opgemerkt en beschreven. Voor ons was het belangrijk om dit nieuwe type voortplantingsstrategie te beschrijven, omdat het vergaande implicaties kan hebben voor ons begrip van populatiedynamiek en hoe soorten zich aanpassen aan snel veranderende omgevingen. Dit is dus erg belangrijk voor de theorievorming over fenotypische plasticiteit, alternatieve voortplantingsstrategieën en evolutionaire processen. Daarnaast vinden we het belangrijk om anderen aan te moedigen om modelorganismen niet over het hoofd te zien als het gaat om de formele beschrijving van soorten.’

Verklaring

Nu we trimorfisme bij de bollenmijt hebben vastgesteld, is de volgende stap het bestuderen van gedrag, feromonen, levensgeschiedenis, demografie en genetica van de drie verschillende voortplantingsstrategieën. De onderzoekers gaan in vervolgonderzoek onder meer op zoek naar een verklaring voor het bestaan van mega-scramblers. Een mogelijke hypothese is dat mannetjes vrouwtjes nadoen als strategie om tot copuleren te komen en daarmee agressieve ontmoetingen met fighters uit de weg gaan. Ook willen ze bekijken of deze individuen vruchtbare nakomelingen krijgen en of andere mannetjes inderdaad minder agressief zijn tegen mannetjes die doen alsof ze een vrouwtje zijn.

Publicatiegegevens

Kathryn  Stewart, Tom van den Beuken, Flor Rhebergen, Jacques Deere & Isabel Smallegange: ‘Evidence for a third male type in a male-dimorphic model species’, in: Ecology, 17 mei 2018. DOI: 10.1002/ecy.2239.

Gepubliceerd door  UvA Persvoorlichting